Hoe werkt een pottenpers?
Geen plastic kweekpotjes meer die je elk voorjaar opnieuw moet kopen: de pottenpers vormt blokken samengeperste potgrond die direct in de volle grond kunnen worden geplant. Geen afval, gedaan met verpotten, en plantjes die vaak krachtiger zijn dan in kweekpotjes.
Samengevat
Perfecte perspotjes maken in 7 stappen: bereid een substraat voor dat niet te rijk is, zeef en bevochtig het correct, vul de pers tot de bodem, haal uit de vorm in je kweekbak, zaai, geef water met een fijne straal en plant tot slot rechtstreeks uit in volle grond. De juiste beweging en de juiste vochtigheid maken het verschil.
In 7 stappen perfect aangedrukte perspotjes maken
De methode in beeld
1. Bereid je substraat voor
Gebruik geen te rijke potgrond: een zaailing in kiemfase heeft dat niet nodig, en teveel compost bevordert het ontstaan van ‘zwarte voet’, een ziekte die duidt op kiemsterfte waarbij de jonge stengels aan de basis gaan rotten.
Een goede basismix voor je potgrond voor de pottenpers: 2 emmers blonde turf, 1 emmer rijpe compost (ouder dan een jaar), 1 emmer tuinaarde, 2 tot 3 liter zand. Je kan ook kant-en-klare potgrond uit de winkel gebruiken (geef echter de voorkeur aan potgrond op basis van gecomposteerde turf).
2. Zeef en bevochtig
Giet je mengsel door een zeef met mazen van 4 mm voordat je het besproeit: klonters zorgen ervoor dat de pers zich niet gelijkmatig vult.
Bevochtig daarna totdat er een paar druppels tussen je vingers naar buiten sijpelen als je een handvol vastpakt: dat is exact de juiste vochtigheid om ervoor te zorgen dat het perspotje goed samenblijft.
3. Vul de pers
Duw de pers verticaal in het substraat, langs de wanden van de bak tot aan de bodem. De pot is vol als er potgrond (of een lichte vochtigheid) in de bovenste openingen zichtbaar wordt. Strijk het overtollige materiaal glad langs de rand voordat je het verwijdert.
4. Haal uit de vorm
Plaats de pers direct in je kweekbak. Draai de handgrepen iets vaster. Deze beweging zet het uitwerpsysteem in werking. Haal vervolgens de vorm eruit door deze omhoog te tillen. De perspotjes vallen netjes uit de vorm, met de holte in het midden al gevormd. Zorg voor voldoende ruimte tussen elke rij: de wortels mogen elkaar niet in de weg zitten.
Tip: om staand te werken zonder je te overbelasten, zorgt het model met hoge handgreep (70 cm) ervoor dat je bij het verwerken van grote hoeveelheden veel minder snel vermoeid raakt.
5. Zaai
Grote zaden kan je rechtstreeks in de kuiltjes leggen. Bij kleine zaadjes (kleiner dan een radijsje) of heel dunne zaadjes: maak het puntje van een plantstokje lichtjes vochtig, raak het zaadje aan, leg het vervolgens in het kuiltje en druk het zachtjes aan zodat het goed contact maakt met de potgrond.
6. Geef water en houd vochtig
Geef water met een vernevelaar of een zeer fijne sproeikop: een grove straal breekt het perspotje af en overspoelt het zaad. Als de perspotjes direct na het vormen worden ingezaaid, is hun resterende vochtgehalte voldoende voor de eerste dagen. Let daarna op de kiemtemperatuur, die voor elke soort specifiek is, en vergeet het licht niet. Dat is vaak een factor die over het hoofd wordt gezien en die ervoor zorgt dat de plantjes spichtig en kwetsbaar worden.
7. Plant uit
Het perspotje wordt rechtstreeks in volle grond geplant, zonder tussenin te worden verpot. Het ideale moment: in de late namiddag, bij bewolkt weer. Maak de perspotjes goed nat voordat je ze uitplant, controleer of ze goed contact maken met de grond rondom en geef tot slot de planten nog eens goed water.
Bekijk al onze roestvrijstalen pottenpersen
Lees ook
Pottenpersen: de volledige gids
Waarom je je perspotjes perst, welke maat je kiest en welk model uit het Dumtis-assortiment bij jouw productie past.
Welke pottenpers gaat het langst mee?
Materiaal, mechanisme, assemblage: de drie criteria die de levensduur van het gereedschap bepalen.
Welke potgrond gebruik je om perspotjes te maken?
De criteria voor een goed substraat en het recept voor een zelfgemaakt mengsel van 20 liter.